Wat is het verschil tussen
chronische en acute hyperventilatie?
Er zijn twee
types hyperventilatie:
1. Acute hyperventilatie, en
2. Chronische
hyperventilatie.
Ze verschillen duidelijk van elkaar.
Acute hyperventilatie is gemakkelijk te herkennen. Het ontstaat wanneer
iemand het gevoel heeft te weinig lucht te krijgen, daardoor steeds zwaarder begint te ademen, en vervolgens steeds
meer de controle over de ademhaling kwijtraakt. Bij dergelijke hyperventilatie-aanvallen neemt de
longventilatie enorm toe.
De klachten die bij dergelijk
aanvallen horen zijn uiteenlopend, zoals angst, grote opwinding, pijn op de borst, versnelde hartslag, benauwdheid,
duizeligheid, problemen met logisch denken, spierverkramping, tintelingen en algehele plotselinge slapte. Soms gaat
het zelfs zo ver dat men op en gegeven moment flauwvalt.
Daarnaast bestaat er
ook chronische hyperventilatie. Deze vorm is minder
duidelijk herkenbaar. Bij chronische (vaak verborgen) hyperventilatie is de ademhaling
voortdurend te diep.
Omdat men dit dag in dag uit doet, neemt
de voorraad koolzuurgas in het lichaam sterk af. Omdat koolzuurgas belangrijk is voor vele
processen (zoals zuurstofopname, werking van de zenuwen, transport van mineralen en vitamines via het bloed) kan er
dan van alles fout gaan. Waar het fout gaat hangt sterk af van wat de zwakke punten in iemands lichaam
zijn.
Dat is ook de reden dat de
Lijst met
symptomen van cronische hyperventilatie
zo uitgebreid is.
Professor Buteyko heeft een lijst van ongeveer 150 ziektes en
aandoeningen die volgens hem verband houden
met chronische hyperventilatie. Klik hier voor een samenvatting.
>> Overal leest ik dat ik met
mijn buik moet ademen.
Klopt dat?
|